Dagtrips

 

 

Inleiding

 

 

In dit onderdeel vind U enkele dagtrips, wandelingen van maximum één dag langs/naar zeer mooie plaatsen of monumenten. Gelegen op diverse locaties in Europa.

 

 

 

1. Preikestolen, Noorwegen : Juni 2015 : 8km

 

De "Preikestolen" of Preekstoel, is een rots, die 605m uitsteekt boven het Lysefjord. De weg erheen en terug is misschien wel de bekendste en meest bewandelde route in Noorwegen. Jaarlijks maken tusen de 100 en 200.00 mensen die tocht. De wandeling is maar 4km lang, maar reken op 2 uren enkele richting en minstens 30 minuten op de Preekstoel. In het hoogseizoen zijn er af en toe files op de smalste stukken.

Rond 11u00u komen we aan bij de Preikestolhytta. Hier is er een ruime parking met bezoekerscentrum, jeugdherberg en restaurant. De parking bevindt zich op 270m hoogte; dit wil zeggen dat we zo'n 335m moeten klimmen. Over wandelpaden, rotsen, knuppelpaadjes, boomstronken, enz.

Alles staat goed aangegeven en na een halfuurtje hebben we de eerste van 3 steile stukken beklommen en bevinden we ons op Plataet. Vanwaar we zicht hebben op de parking en, als je goed kijkt, zie je in de verte Stavanger liggen. Daarna volgt een vlak stuk, weer een steiler stuk en dan wandelen we over een knuppelpad dat over een moeras loopt (Krogebekkmyrane). Dan volgt de laatste, steilste en drukste klim. Daarna kan je de Preekstoel nog altijd niet zien, want die ligt verborgen achter de bergtop. Maar we worden goed op de hoogte gehouden van onze vorderingen door de paaltjes waarop de afgelegde en nog af te leggen afstand aangeduid staan.

We passeren een meertje en enkele steenmannetjes. Pas als we vlak bij ons doel zijn, zien we de rots. Ik kan me even niet inhouden en snel vooruit naar ons einddoel om zo snel mogelijk van het machtige schouwspel te genieten. 604m Onder ons ligt het fjord en we hebben een wijds uitzicht over de omgeving. En gelukkig is het ook nog een zonnige dag. Over de rots liggen her en der wandelaars verspreid van over de hele wereld. Sommigen liggen nog uit te blazen van de inspanning, anderen zijn aan 't picknicken en weer anderen liggen plat op hun buik en staren over de rand van de afgrond om het fjord 604m dieper te bekijken. Na 40 minuten zijn we uitgerust en uitgekeken en vangen we de terugweg aan langs dezelfde weg.

Deze wandeling is werkelijk de omweg waard als je toch in Noorwegen bent. Prachtige vergezichten, mooie rotsformaties, ...... De drukte moet je er maar bij nemen.

 

 

 

 

2. Königsstuhl, Rügen, Duitsland : 26 Mei 2016 : 10km

 

Deze wandeling is grotendeels gesitueerd in het Nationalpark Jasmund op het eiland Rügen in de Oostzee in het noorden van Duitsland.

We vertrekken vanuit Lohme, een dorpje aan de Oostzee. Wij nemen de hogere oeverweg, waardoor we door de bomen geen uitzicht hebben op de zee. Er is ook een lagere oeverweg, maar die loopt dood als de krijtkliffen beginnen. We volgen de wit-blauw-witte markeringen van de Hochuferweg Jasmund (dit traject is ook een onderdeel van de E10 Finland-Gibraltar). Een kronkelend pad leidt ons op en af tussen beukenbomen, waarvan de oudsten 250 jaar oud zijn.

Na een uurtje komen we aan het gedeelte met de krijtrotsen. En een beetje voorbij de Teufelsgrund komen we aan het Nationalparkzentrum. Ook hier heeft de commerce toegeslaan. Waar men vroeger gratis tot bij/op de Königsstuhl kon wandelen, heeft men nu een bezoekerscentrum in de weg gezet en moet men nu (in 2016) 8,50€ betalen om op de Königsstuhl te staan. Als je dan boven op die Stuhl staat zie je er eigenlijk toch niets van en daarom wandelen we nog een eindje verder tot het Victoriasicht. Eveneens een krijtrots die oprijst uit de Oostzee en van waaruit we een mooi zicht hebben op de Königsstuhl.

Voor de terugtocht verlaten we de kust en trekken het binnenland in. De weg voert ons aanvankelijk in de richting van Hagen, maar weldra wijken we van de grote weg af en wandelen we weer over bospaadjes tussen beukenbomen. Als we het bos verlaten, zien we voor ons het Schloss Ranzow met de bijhorende golf. De golf laten we rechts liggen en we treden binnen voor koffie met een taartje. Daarna is het nog een klein stukje terug naar ons vertrekpunt in Lohme.

 

 

 

3. Dodentocht 100km Bornem : 12-13 Augustus 2016: 100km

 

Toegegeven dit is niet echt een wandeling die tussen deze trips thuis hoort. Maar ik kon het niet laten om deze "wandeling" hier bij te plaatsen. Het is eerder een uitdaging dan een wandeling. 100km afleggen binnen 24u00. Vertrekken om 21u00 tesamen met meer dan 12.600 andere wandelaars, een 15-tal rust- verzorgings- en bevoorradingsposten onderweg en hopen dat je onderweg niet geplaagd wordt door blaren of krampen.

Het is reeds de 15de keer dat ik deelneem aan deze tocht en deze keer hebben ze een nieuwigheid: vooraleer ik aan de startlijn kom, wordt mijn rugzak drie keer gecontroleerd ...... de schuld van de terreuraanslagen vermoed ik. Uiteindelijk sta ik dan toch om 19u30 op een 50-tal meters van de startlijn. D.w.z. dat ik nog 1½u moet wachten vóór de start. Daar zijn we op voorzien.

Om 21u00 wordt het startsein gegeven. Het duurt enkele minuten vooraleer ik de startlijn passeer want alle deelnemers moeten door een soort fuik. Dan moeten we eerst nog eens door het centrum van Bornem en daarna richting Temse. Vanaf hier is er al wat meer beenruimte en kan ik beginnen stappen op mijn eigen ritme. Het is al donker geworden als we op de Scheldedijk lopen. Na 12,5km bereiken we Branst, waar we de eerste keer iets te drinken krijgen. Daarna gaat het terug richting Bornem, waar ik rond 24u00 nogmaals door de hoofdstraat passeer in de hoop hier 17u later nog eens langs te komen maar dan in de andere richting.

De volgende post (Friesland) ligt een beetje buiten Bornem op 19,8km en is één van mijn geliefste bevoorradingsposten omdat we hier een heerlijk rijstvlaaitje krijgen met een flesje Extran. Hier zie ik elk jaar naar uit! En dan zijn we voorgoed vertrokken voor de grote ronde. We mogen dit jaar ook eens door het park van het kasteel van Hingene. We komen langs Wintam, het Zeekanaal en belanden in Ruisbroek na 33km; een derde van de 100km zit er al op. Nog geen sporen van krampen of blaren.

In Breendonk zijn we altijd bereid om de sponsor Moortgat te steunen door een beetje Duvel te drinken. Naar de volgende post, Palm in Steenhuffel, is het een lange 10km. Bovendien wordt het stilaan weer dag, het uur van de wolf. Gewoonlijk het moment dat ik een dipje krijg, maar vandaag niets van gemerkt. Het is al 6u40 als we de Palm bereiken en spijtig genoeg heb ik geen trek in een lekkere Palm. Dan maar wat thee met een broodje kaas, een vers T-shirt en kousen en we zijn weer vertrokken.

Vanaf nu is het aftellen. Peizegem, Buggenhout (we zijn nu al in de derde vlaamse provincie), Opdorp, Lippelo en Puurs. Hier krijg ik bezoek van mijn broer die samen met mij ooit 10 DoTo's heeft afgewerkt. Dan volgen Oppuurs, Sint-Amands en Branst (beter bekend als Zates). En dan zijn het nog maar 5km tot de eindstreep in Bornem. Vanaf hier worden we goed op de hoogte gehouden van de nog af te leggen afstand. Ook hier zien we mensen langs de kant die ons stukjes fruit, koekjes en drank aanbieden. De laatste 500m lopen we terug door de hoofdstraat van Bornem en is alle pijn en moeite vergeten door het applaus van de omstaanders. Na de finish krijgen we nog ons Diploma met de gelopen tijden, onze medaille (nr 14), een peperkoek, een Duveltje en de eeuwige glorie.

Het was weer leuk! Geen beschadigingen overgehouden, alleen het heerlijke gevoel dat het weer eens gelukt is. Onderweg een paar keren gedacht 'dit doen we nooit mee', maar een dag later kijken we weeral uit naar de Dodentocht van 2017. Met dank aan de organisatie van deze 47ste Dodentocht.

 

 

 

 

4. Slag om Passendale , Ieper : 29 Oktober 2016 : 15km

 

Nogmaals ter herinnering aan Wereldoorlog I, besluiten we 99 jaar na de 3de Slag om Ieper of de Slag om Passendale, deze gebeurtenis te gedenken door een wandeling in het gebied waar die slag plaatsvond. We hebben gisteren reeds een kort bezoek gebracht aan Ieper en hebben deelgenomen aan de indrukwekkende plechtigheid van de "Last Post" bij de Menenpoort.

Rond 9u30 vertrekken we vanuit onze B&B naar het centrum van Zonnebeke, waar we een bezoek brengen aan het 'Memorial Museum Passchendaele 1917'. Dit museum is gevestigd in een oude villa gelegen in een prachtig park. Het museum geeft binnen een overzicht van de oorlog in de streek. Daarna volgt een dug-out met verschillende vertrekken zoals een ziekenkamer, slaapplaatsen tot zelfs een toilet. Buiten zijn er nog duitse en britse loopgraven en een noodhuis , zoals die geplaatst werden na de oorlog.

Na een uurtje hebben we een voorproefje van wat er zoal gebeurde in die 4 jaren tussen 1914-18. Na ons even geheroriënteerd te hebben, begeven we ons richting centrum Zonnebeke en belanden op het kerkhof, dat bestaat uit een ouder gedeelte aan de straatkant en daarachter een meer recenter deel. Ook hier bevindt zich een bezienswaardigheid: in het midden van het eerste gedeelte vinden we een crypte geflankeerd door 2 vlaggen. In deze crypte bevinden zich de grafkisten van een 15-tal oudstrijders: één veteraan van 1830, 11 militairen uit de eerste WO en 3 slachtoffers van de tweede WO. Als we het kerkhof zijn doorgewandeld komen we op een oude spoorweg die omgevormd is tot fiets-wandelweg. Dit pad zullen we enkele kilometers volgen.

Na 2 kilometers verlaten we het pad even om naar links uit te wijken naar het volgende monument. En dit monument kan tellen: Tyne Cot Cemetery. Het grootste britse soldatenkerkhof ter wereld buiten Groot-Brittanië. Er liggen bijna 12.000 britse en commonwealth gesneuvelden begraven, waarvan meer dan de helft niet geïdentificeerd werd. Ook 3 niet geïdentificeerde Duitsers liggen er begraven. In het midden van de begraafplaats staat het "Cross of Sacrifice". Als je de moeite neemt om de trappen van dit monument te bestijgen, even rondom wilt kijken en elk grafzerkje, in gedachten, vervangt door een soldaat, kan je je een klein idee vormen van de enorme slachting die hier heeft plaatsgevonden voor amper 8 kilometer terreinwinst. (Bovendien moest begin 1918 het gewonnen terrein weer prijsgegeven worden aan de Duitsers.) En dit is dan nog maar 1 kerkhof, wel het grootste, en we zullen vandaag tijdens onze korte wandeling nog meer kerkhoven tegenkomen. De begraafplaats bevindt zich op de plaats waar eerder een duitse commandopost was gevestigd.

Nog onder de indruk van zoveel nodeloos leed, begeven we ons terug naar de oude spoorwegberm en wandelen verder richting Passendale. Onderweg zien we hier en daar nog restanten van bunkers en een opgegraven deel van die spoorlijn. Een eind verder verlaten we de spoorlijn en draaien links naar het centrum van Passendale. Hier gaan we op zoek naar een etablissement om te lunchen, maar uiteindelijk moeten we ons tevreden stellen met een belegd broodje van de bakker, dat we kunnen opeten in een cafeetje bij een Passchendaele bier. Ook hier staan in het centrum informatiepanelen met o.a. foto's die tonen hoe gans Passendale in puin lag na 4 jaren oorlog.

We verlaten het heropgebouwde dorp via de Canadalaan, die herinnert aan de Canadese soldaten die uiteindelijk Passendale bevrijdden. De Canadalaan is een lijnrechte weg die uitkomt op een monument voor de Canadese gesneuvelden. We vervolgen onze weg door een licht heuvelend landschap waarin niets, tenzij monumenten en begraafplaatsen, nog herinnert aan wat er zich afspeelde 100 jaar geleden. We houden nog even halt bij "De Oude Kaasmakerij" voor een drankje en vervolgen dan onze weg verder naar ons vertrekpunt.

Iets verderop komen we langs een monument voor de soldaten van een Nieuw-Zeelandse divisie die vochten bij de Slag om Broodseinde. Onderweg kijken we nog even raar op als we een electriciteitspaal (zie foto) zien waarin een boer 4 obussen heeft gedeponeerd. De bedoeling is dat die explosieven opgehaald worden door de ontmijningsdienst DOVO (Dienst voor Opruiming en Vernietiging van Ontploffingstuigen). Eén kilometer voor het einde van de wandeling passeren we onze laatste begraafplaats "Dochy Farm New British Cemetery". Met ook hier bijna 1500 gesneuvelden, waarvan meer dan 950 niet konden geïdentificeerd worden. Ten slotte bereiken we onze B&B. We wandelden in een idyllische agrarische streek onder een heerlijk herfstzonnetje, waar op monumenten en begraafplaatsen na, bijna niets nog herinnert aan de gruwel die er in de modder en de regen plaatsvond zo'n 99 jaar geleden.

 

 

 

5. Kerststallenwandeling, Vosselaar : 2 Januari 2017 : 20km

 

De traditie om in de kerstperiode een kerststal op te stellen bij een kerk of elders bij een kruispunt van wegen, is nog maar zo'n 60 jaren oud. Half de jaren zestig werden de eerste kerststallen opgericht in Kasterlee en Turnhout. Deze gewoonte breidde zich stilaan uit naar de rest van het Vlaamse land, zelfs tot in Brussel. Maar de mooiste kerststallen staan nog altijd in de Kempen. De voorbije 5 jaren hebben we de kerstallen rond Merksplas, Zondereigen, Weelde-Statie en Baarle-Hertog meermalen bezocht tijdens kerststallenwandelingen. Dit jaar wandelen we langs de kerststallen van Vosselaar en Gierle.

We vertrekken aan de kerk van Vosselaar; de kerststal van Vosselaar bezoeken we pas als we terugkomen. We volgen de wegbewijzering met groene pijlen en belanden na korte tijd bij de Gemeentelijke Basisschool Heieinde, waar we onze eerste kerststal aantreffen. Merkwaardig aan deze kerststal is dat aan de kribbe geen os staat, maar 2 koeien, die duidelijk te herkennen zijn aan hun uier met 3 tepels.

Een beetje verder treffen we onze tweede kerststal al, "De Heide" genaamd. En dan verlaten we de bebouwde kom van Vosselaar en komen we via een zandweg in het Gielsbos. Het regent niet, maar toch vallen er druppels en zelfs ijsbrokjes van de boomtakken naar beneden. We bereiken de grote rotonde bij de afslag van de E34 en steken de snelweg over om in Gierle te geraken.

Uiteindelijk bereiken we in het gehucht Hemeldonk onze derde kerststal. We worden verwelkomd door een dikke rookwolk afkomstig van 2 vuren die op het kerststalterrein staan. Vanaf 14u00 is hier van alles te doen, maar wij zullen dan al een eind verder zijn. Hier laten we de bewegwijzering even achter ons om in Gierle-Centrum iets te gaan eten. We lopen enkele kilometers verder en vinden de taverne 'In den Eik'. Deze ligt in de schaduw van de kerk. Hier is er buiten geen kerststal te vinden en na het borstbeeld van Louis Neefs te hebben gegroet, keren we terug naar de kerststal van Hemeldonk.

We pikken de draad weer op en keren terug richting E34. We krijgen nog een prachtige dubbele regenboog te zien en nadat we de snelweg zijn overgestoken, komen we uit bij de 'Lilse Bergen'. Iets verder komen we uit bij de taverne 'Hestia' en hier is onze vierde kerststal. Helaas is vandaag de taverne gesloten en kunnen we slechts vanachter de omheining een glimp opvangen van die kerststal. We lopen terug door de bossen over het Konijnen- Patrijzen- en Lijsterpad. Uiteindelijk belanden we terug in Vosselaar en nemen even tijd om onze vijfde en laatste kerststal van de dag te bezichtigen. Om de wandeling af te ronden duiken we nog even een cafeetje binnen.

 

 

 

 

6. Winterwandelingen in Valais, Zwitserland: Januari 2017 km

 

1) Haute-Nendaz, Bisse du Milieu ; 17 Januari 2017 : 10km

Rond 11u00 vertrekken we vanuit het centrum van Haute-Nendaz Station aan de toeristische dienst (1300m). Even lopen we via de grote weg richting grondstation van de kabelbaan naar Le Tracouet. Dan slaan we resoluut linksaf en beginnen aan het wandelpad langs de 'Bisse du Milieu'. Dit wandelpad gaat niet-voelbaar-stijgend naar boven richting Siviez. Het heeft de laatste dagen niet meer gesneeuwd en daardoor is de sneeuw al aangetrapt en goed bewandelbaar.

Regelmatig krijgen we tussen de bomen een zicht op de vallei van de Rhône, Sion, de lager liggende dorpen en de bergflanken van de rechteroever van de Rhône. Dat deel van de vallei ligt in de zon en de sneeuw is daar al grotendeels verdwenen. Wijzelf lopen de eerste kilometers nog in de schaduw. De Bisse zelf is grotendeels verborgen onder de sneeuw, maar af en toe krijgen we ze toch te zien, maar dan in bevroren vorm. We komen langs een informatiepaneel vlakbij het Chalet Dardel, waarop uitgelegd wordt wie Louis Alexandre von Dardel was en wat hij betekende voor Haute-Nendaz.

Na een klein uurtje bereiken we het gehucht Le Bleusy (1413m). Tijd voor een pauze, een drankje (un vin chaud, svp.) en een soepke. En gelukkig vinden we hier de "Auberge du Bleusy" bij Giselle. Na een klein uurtje zijn we goed uitgerust en vangen we de terugtocht aan. Aanvankelijk was het de bedoeling om met een grote boog terug te keren via de 'Promenade des Villages', langs Saclentse en Basse-Nendaz. Maar volgens de inboorlingen is dat gedeelte van de wandeling nu niet geschikt voor gewone wandelschoenen; daarvoor heeft men sneeuwschoenen nodig en die hebben we niet bij. Dus wordt het de ingekorte versie, eveneens over Saclentse, ongeveer parallel met de heenweg, maar dan een beetje lager op de helling. Nu lopen we meestal in de zon met andermaal prachtige zichten op de vallei.

Het eindpunt komt in zicht. De bossen worden dunner en de bebouwing dichter. Bij hetbinnenkomen van Haute-Nendaz wandelen we eerst nog door 'le Vieux Village'. Hier bevinden zich nog een aantal oudere boerderijen met bijhorende schuren, die zich nog kunnen in stand houden tussen het oprukkende toerisme. We belanden weer aan de toeristische dienst en wandelen verder langs de hoofdstraat, waar de laatste jaren flink wat bijgebouwd werd. Met een boog bereiken we 'Les Crêtes' waar we terugkijken op een mooie winterwandeling.

 

 

2) Sion, Bisse de Clavau ; 20 Januari 2017 : 5,5km

Vandaag bezoeken we de overkant van de Rhône-vallei. Deze zuidgerichte kant van de vallei krijgt de ganse dag zon en daarom liggen de meeste wijngaarden aan deze kant. Omdat de berghellingen hier op bepaalde plaatsen nogal steil zijn, heeft men zeer kundig terassen aangelegd. Onze wandeling langs de Bisse de Clavau loopt tussen deze terassen, waar de wijnstokken er rustig bijstaan, alleen is er hier en daar een wijnboer bezig met de snoei.

Eerst gaan we informeren bij de toeristische dienst welke wandelpaden geopend zijn.Dan rijden we vanuit het centrum van Sion de bergflank op tot aan de Chemin de Champlan, waar we na wat zoeken een miniparking (7 auto's) vinden vlakbij het beginpunt van onze wandeling. Een wandelboom maakt ons duidelijk welke richting we uitmoeten, naar het oosten dus met de zon in onze rug zodat we een mooi uitzicht hebben over de ganse vallei. We blijken ook op de Chemin du Vignoble te zitten.

Het is bijna 14u00 als we vertrekken. De volledige wandeling langs deze bisse duurt ongeveer 2u30, maar omdat die tijd ons ontbreekt, zullen we halfweg rechtsomkeer moeten maken. We krijgen meteen een zicht over Sion en de 2 kastelen die op een rots boven de stad uitsteken. Het wandelpaadje is nog grotendeels bedekt met aangestampte sneeuw, maar de dooi heeft sommige stukken al modderig gemaakt. Onderweg geven informatiepanelen uitleg over de geschiedenis van de terassen, de aangeplante duivensoorten en meer. Ook zijn er op enkele plaatsen balkons van waaruit men een mooi uitzicht heeft en foto's kan maken van de vallei. Na zo'n 50 minuten bereiken we het punt waar we moeten omkeren en wandelen we tegen de zon in terug naar ons vertrekpunt. De bisse waarlangs we lopen is nog grotendeels bevroren, maar op de zonnigste plaatsen zien we al wat water wegsijpelen. Na nog eens 50 minuten bereiken we terug ons vertrekpunt. Eindpunt van een zonnige wandeling.

 

 

 

 

 

7. Zwarte Woud, Duitsland : April 2017

 

1) Karlsruher Grat, Ottenhöfen im Schwartzwald : 10 April 2017 : 12,2km

Vermits we in het Zwarte Woud zijn, willen we absoluut hier een wandeling maken en dan nog liefst in het Nationalpark Schwartzwald. We hebben gekozen voor het Geniesserpfad Karlsruher Grat in Ottenhöfen. "Geniesserpfade" zijn wandelingen tussen 8 en 15km die door het Deutsche Wanderinstitut aanbevolen worden vanwege de mooie natuur, prachtige uitzichten en afwisselende wegen. Volgens de documentatie is de tocht 12,2km lang, zou 4 uren in beslag nemen en 722 klim- en evenzoveel daalmeters bedragen.Met de omwegen en aan- en uitlooproutes zullen wij wel aan zo'n 16km komen.

We pikken het pad op aan de katholieke kerk in Ottenhöfen en beginnen al meteen aan een pittige klim naar de Eichkopf. Een beetje later bereiken we de Eichkopfhütte en hier maken we voor de eerste keer kennis met een bosbar. Wat moet U zich daar bij voorstellen: een houten gebouwtje, vooraan geopend waarin zich een voorraad drank bevindt, alcoholisch en niet-alcoholisch, een prijslijst, een offerblokje waarin je het geld voor je consumptie kunt deponeren, en nog enkele nuttige zaken die bij een bar horen. Blij met deze verrassing , kopen we een licht-alcoholisch lokaal biertje en deponeren de 1€50 in het daartoe bestemde busje.

Daarna leidt het pad ons naar de Holderbrünnele en dalen we af naar de Edelfrauengrab-Wasserfälle. Langs de mooie watervallen (de meesten zijn maar enkele meters hoog) heeft men een stevige trap aangebracht zodat men veilig van het waterschouwspel kan genieten. Zonder dat je het merkt, heb je weer 100 meter geklommen. Ook hier heel wat dagjeswandelaars omdat er vlakbij een parking werd aangelegd. We volgen verder de Gottschlagbach en enkele kilometers verder komen we aan de volgende "Getränkebrunnen" (bosbar, dus). Leuke plaaats voor onze picknick.

We vervolgen de wandeling bergop en passeren de Herrenschrofen met mooi uitzicht. Een beetje verder splitst het pad en kan men kiezen tussen een "Klettersteig" langs de Karlsruher Grat en een gewoon wandelpad. Wij kiezen voor het laatste en blijven klimmen tot we de Bosensteiner Eck bereiken. Dit is met 825m het hoogste punt van de wandeling. Wij laten ons verleiden om een omweggetje te maken langs Gasthof Kernhof voor een drankje en een stuk Schwarzwald Torte ....... heerlijk!!

Daarna is het vooral dalen langs groene bergweiden en door de bossen. We passeren langs de Brennte Schrofen met mooi uitzicht over Ottenhöfen en een prachtige Schutzhütte met lange picknicktafel. Een eind verder krijgen we ook nog een overzicht over Seebach en zo naderen we stilaan Ottenhöfen en bereiken we onze verblijfplaats rond 17u00. Het is ons niet gelukt om de wandeling in 4 uren rond te krijgen, maar het was in ieder geval de moeite. We hebben genoten van dit Geniesserpfad. (ottenhoefen-tourismus.de). Kaart + legende

 

 

 

 

 

 

 

2) Münstertal - Staufen - Bad Krozingen: 13 April 2017 : 10km

Vandaag is het wandeldag. We willen een wandeling maken in de westelijke uitlopers van het Zwarte Woud. Bad Krozingen ligt al in de Rijnvallei en Münstertal ligt in de vallei van de Neumagen tussen de heuvels van het Schwartzwald. Er lopen in deze vallei allerlei fiets-, mountain bike- en wandelpaden en wij hebben gekozen voor de wandelweg F3a van Münstertal naar Staufen en F3 van Staufen naar Bad Krozingen. Ongeveer zo'n 10km, maar we houden ons niet aan dit linea recta traject en onderweg wijken we regelmatig af van het traject en bezoeken bezienswaardigheden. Zodat we gemakkelijk aan 15km geraken.

Vanuit Bad Krozingen nemen we de trein naar Münstertal en kunnen om 11u00 beginnen aan onze wandeling. Het is 15°C en bewolkt ..... ideaal wandelweer. De eerste kilometers lopen langs een openbare weg en langs een spoorbaan. Vanaf Hof verlaten we de geasfalteerde wegen en duiken we het Prälatenwald in. En dit is niet dgemarkeerde weg, maar we vinden dat er in het Schwarzwald ook door het woud moet gewandeld worden. Hier wandelen we nog eens in de uitlopers van het Zwarte Woud: de hellingen zijn pittig, de uitzichten zijn mooi en de zon komt erdoor.

Als we langs een klimparcours passeren zijn we bijna uit het woud in de buurt van het stationnetje van Elzenbach. We steken de spoorlijn over en volgen het riviertje Neumagen tot in Staufen. In Café Deckers houden we halt voor onze lunch: een lekkere Spargeltorte. Daarna naar het toeristisch bureau voor wat meer informatie over Staufen. En zo maken we een wandeling langs de bezienswaardigheden van het stadje. Het meest opvallende zijn de scheuren in een aantal huizen; zelfs het stadhuis heeft er last van.

De volgende bezienswaardigheid op onze weg is de kasteelruine die boven het dorp uitsteekt. Hier stond het kasteel van het geslacht von Staufen. Toen het geslacht in 1602 uitstierf, geraakte het slot ook in verval. Nu is de helling vooral interessant voor de wijnbouw. Via een steile klim bereiken we de ruine en hebben een. mooi zicht over de Rijnvallei en het Zwarte Woud Langs de andere kant van de helling dalen we weer af en zetten onze tocht verder richting Bad Krozingen.

We lopen opnieuw enkele kilometers langs het riviertje Neumagen. Dit stuk van de wandeling is zeer aangenaam: we lopen van de schaduw in de zon en omgekeerd doordat het riviertje geflankeerd wordt door rijen bomen. Uiteindelijk stroomt de Neumagen een stuk voorbij Bad Krozingen in de Möhlin en tenslotte in de Rijn.We belanden terug in Bad Krozingen waar we nog even het spoor bijster geraken, maar om 17u00 bereiken we terug ons vertrekpunt.